nieuwsjpg

ABF presenteert de nieuwe benadering van het woningtekort

48

Gepubliceerd op 20 november 2018

“Economische dakloze rukt op“, “Het Nederlandse woningtekort blijft nijpend”, “Den Haag wil wolkenkrabbers om woningtekort op te lossen” en “Woningtekort drukt doorstroming tot tenminste 2020”. Zomaar een greep uit recente krantenkoppen over het tekort aan woningen in Nederland. Het woningtekort staat volop in de belangstelling en dat zal de komende jaren naar verwachting nog wel zo blijven. Het blijkt immers lastig om voldoende woningen te bouwen. Het aantal inwoners en huishoudens blijft intussen fors groeien. Maar hoe groot is het tekort nu eigenlijk? Op welke manier kan je de omvang van het tekort bepalen? En welke regionale verschillen zijn er?

ABF Research berekent al sinds de jaren tachtig het huidige en verwachte toekomstige woningtekort. In opdracht van en in samenwerking met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is recentelijk een nieuwe benadering van het woningtekort opgesteld. Daarbij wordt meer gebruik gemaakt van registratiebestanden en minder van enquêteresultaten. In dit artikel beschrijven we de bouwstenen van die nieuwe benadering en laten we de resultaten zien.

Het statistisch woningtekort per 1 januari 2017 wordt volgens de nieuwe benadering op ruim 242 duizend woningen becijferd. Dat komt neer op 3,3% ten opzichte van de totale voorraad. Ter vergelijking: het woningtekort volgens de oude benadering komt voor dezelfde peildatum uit op 209 duizend, ofwel 2,7% van de voorraad. In de nieuwe benadering valt het tekort dus ruim 30 duizend woningen hoger uit. Er zijn grote regionale verschillen. Met name in de grootstedelijke regio’s zijn de tekorten groter dan het nationale gemiddelde. Op basis van de Primos-prognose en een inventarisatie van de plancapaciteit is ook een prognose gemaakt van de ontwikkeling van het woningtekort in 2030.

Het volledige artikel is hier te downloaden.