publicatiesjpg

Socrates 2014

Door Co Poulus, Gerard van Leeuwen, David Omtzigt, Kenneth Gopal, Berry Blijie

Download deze publicatie Gepubliceerd op 06 maart 2015

Bedankt!

De door u opgevraagde publicatie is succesvol verstuurd naar u.

Ok

Helaas

De door u opgevraagde pagina is niet gevonden. Breng mij terug naar de Home pagina.

Ok

Helaas

De door u opgevraagde publicatie is niet aanwezig. U kunt contact opnemen met ABF Research door te bellen naar 015-27 99 300.

Ok

Helaas

Er is iets fout gegaan. U kunt contact opnemen met ABF Research door te bellen naar 015-27 99 300. U wordt dan gehlolpen.

Ok


In dit rapport wordt de ontwikkeling van de woningmarkt geschetst voor de komende jaren. Omdat toekomstverwachtingen onzeker zijn, wordt hier gebruik gemaakt van een aantal demografische en macro-economische scenario’s. Daarnaast is plaats ingeruimd voor de effecten die uitgaan van de beleids­afspraken zoals gemaakt in het Woonakkoord.

Toekomstbeeld

In deze studie is gebruik gemaakt van een aantal demografisch en macro-economische scenario’s. In alle scenario’s wordt uitgegaan van dezelfde demografische ontwikkeling conform de meest recente landelijke CBS- en regionale Primos-prognose. Ten aanzien van de inkomensontwikkeling tot 2016 is uitgegaan van de meest recente CPB-verwachtingen. Na een daling van het gemiddeld huishoudeninkomen in de jaren 2009-2012, wijzen deze cijfers vanaf 2014 weer op een stijging. Voor de langere termijn zijn meerdere scenario’s geformuleerd met een bandbreedte die enigszins aansluit bij de langjarige inkomensontwikkeling. Over de periode 1972-2012 nam het gemiddeld huishouden inkomen met 0,3% boven inflatie toe. Concreet wordt in het (laagste) basisscenario uitgegaan van gelijkblijvende inkomens. In het middelste herstelscenario wordt gerekend op een stijging met +0,5% per jaar. In het (hoogste) herstelplusscenario bedraagt de inkomensgroei na 2016 1% per jaar.

Beleidsafspraken

In de prognose wordt rekening gehouden met beleidsafspraken uit het Woonakkoord. De afspraken staan vast, maar de wijze waarop met name verhuurders om zullen gaan met de geboden ruimte is onzeker. Daarom zijn twee gedragsvarianten uitgewerkt, die verschillen in maatvoering en de wijze waarop de verhuurdersheffing betaald kan worden: via huurverhoging dan wel andere maatregelen. De meest vergaande gedragsvariant (“voortvarend”) gaat er vanuit dat verhuurders de maximaal mogelijke huurverhogingen zoveel mogelijk doorvoeren. In de andere gedragsvariant (“voorzichtig”) wordt van een lagere huurstijging uitgegaan.

De verwachtingen in cijfers

In het rapport staat het herstelscenario centraal dat is uitgewerkt met een voorzichtige en een voortvarende invulling van het verhuurderbeleid.

De hoofdconclusies van het rapport zijn:

  • Toename van de voorraad kleiner dan demografische groei
  • Nieuwbouw: evenwicht tussen huur en koopsector
  • Prijseffecten bestaande voorraad
  • Lagere inkomensgroepen: vaker eigenaar-bewoner
  • Kwalitatieve mismatch tussen vraag en aanbod.

Lees voor meer informatie het volledige rapport. In het volledige rapport zijn kerncijfers van de andere scenario’s opgenomen waarbij het lage basisscenario enkel is uitgewerkt met een voorzichtig verhuurderbeleid en het herstelplusscenario enkel met een voortvarend verhuurderbeleid. Dit vanuit het idee dat economische groei de mogelijkheden voor boven inflatoire huurverhogingen vergroot.

Meer weten?

Neem contact op met Kenneth Gopal 015-27 99 332